Steun ons en help Nederland vooruit

maandag 19 oktober 2020

Opinie: Help de markt met minder regels!

In plaats van dat de gemeente leert van de successen van particuliere markten, komen er nieuwe regels. Dat moet anders, schrijven D66-raadslid Hülya Kat en Stadsdeelcommissie lid Erik Schmit.

De Nederlandse week- en dagmarkten hebben het moeilijk[1]. Landelijk gezien is het aantal marktondernemers in de afgelopen 10 jaar met de helft gedaald en daalde het gemiddelde inkomen eveneens met hetzelfde percentage. Minder bezoekers, vergrijzend publiek, de concurrentie van grote supermarktketens en de opkomst van het internet zijn allemaal factoren die tot de huidige problemen hebben geleid. Amsterdam heeft de meeste dag- en weekmarkten van heel Nederland, dus de markten vormen een belangrijk thema voor de stad.

Er zijn, vanuit particulier initiatief, genoeg vernieuwende ideeën die wél succesvol blijken[2].  Zo zijn er in de afgelopen jaren veel speciale themamarkten bijgekomen voor bijvoorbeeld boeken, kleding en ambachtelijke producten. Deze markten worden goed bezocht en om deze reden pleit D66 er dan ook voor om particulier initiatief te bevorderen. De markten opereren onder vergunning ‘markt op afstand’.

Een van die markten is de Reuring markt op IJburg, die sinds de oprichting heeft geleid tot meer levendigheid en bedrijvigheid in de buurt. De markt zorgen niet alleen voor reuring, maar ook voor meer bezoek (en bestedingen) aan het winkelcentrum. Het marktaanbod is redelijk complementair aan het winkelcentrumaanbod.

Helaas stelt de gemeente eisen die eventuele verdere groei van deze succesvolle markt in de weg staan. Zo mag de markt niet verder uitbreiden dan maximaal 30 plaatsen. Een plaats is 4 x 5 meter (inclusief auto), een gemiddelde koopman of vrouw heeft 2 tot 3 plaatsen. Deze nieuwe eis staat dan ook verdere groei van deze succesvolle markt alleen maar in de weg.

Ook een markt als de Albert Cuyp wordt beperkt in haar ontwikkeling door regels als de aanwezigheidsplicht, wachtlijsten en administratieve verplichtingen.

Juist in tijden van economische tegenspoed zou de gemeente het beleid moeten aanpassen in het voordeel van de ondernemers. Amsterdammers geven sinds de uitbraak van de coronacrisis massaal gehoor aan de oproep ‘support your local’. Het idee achter deze uitspraak is dat wanneer je geld uitgeeft in je eigen buurt, zo de lokale middenstand helpt en daarmee de levendigheid en werkgelegenheid stimuleert. Het zou daarom enorm zonde zijn als goedwillende Amsterdammers door het strengere beleid hier minder de kans voor zouden krijgen, wanneer de gemeente beperkingen opstelt voor marktondernemers.

Zo verleent de gemeente de marktvergunningen voor een standplaats enkel op basis van inschrijfduur van de marktondernemer. Daarnaast verplicht de gemeente ondernemers met een marktvergunning om bijna altijd zelf aanwezig te zijn op de kraam en wordt er vanuit de gemeente de indeling van de markt bepaald. De wensen van marktondernemers worden niet of nauwelijks meegenomen in dit beleid. Kortom, het zijn niet de beste voorwaarden die ervoor zorgen dat marktondernemers vernieuwen.

Onderzoek dat vanuit de gemeente is gedaan naar de problemen op de dag- en weekmarkten in Amsterdam hebben geleid tot de Marktvisie, waarin de belangrijkste aanbevelingen uiteen zijn gezet. De Marktvisie erkent de kansen die markten die vanuit particulier initiatief zijn gestart biedt. De gemeente is al aan het kijken of de Marktverordening integraal kan worden herzien, inclusief de afschaffing van het verkrijgen van een standplaats op basis van inschrijfduur – maar ziet hier wel de mogelijke haken en ogen aan, juist vanwege dit anciënniteitsprincipe. De te trage besluitvorming van de gemeente de neerwaartse spiraal waar markten zich op dit moment in bevinden, alleen maar te versterken. De markten die wel met vernieuwende concepten komen, veelal vanuit particulier initiatief, bezetten momenteel minder dan twee procent van alle standplaatsen. De gemeente zou om die reden ook bestaande markten zoals bijvoorbeeld de Albert Cuyp volgens het particuliere initiatief moeten laten functioneren. De extra vrijheden die ondernemers dan genieten zijn juist hard nodig in tijden van economische tegenspoed.

In plaats van dat de gemeente leert van de successen van particuliere markten als de Reuring markt en die toepast in het beleid voor andere markten, kiest de gemeente ervoor strengere voorwaarden door te voeren. Daarmee staat het ondernemerschap in de weg. D66 pleit er dan ook voor dat de gemeente de aangekondigde maatregelen herziet, daar bovenop onderzoek doet en daarbij de ’markt op afstand’ principes versneld invoert op andere markten.

[1] Volgens het rapport van de gemeente Amsterdam Marktvisie 2018-2026, 19 september 2018.

[2] Volgens het rapport ‘Analyse non-food themamarkten Gemeente Amsterdam’, 4 september 2019.